De Bubbly Babbel
Ik ben ervan overtuigd dat elke serieuze bakker op een gegeven moment een taart van de tafel laat vallen.
Het is een soort inwijdingsritueel. Een bakdoop.
De mijne vond plaats op een zondagmiddag in november.
De Taart
Het was mijn eerste drielaagse taart. Chocolade-espresso met Swiss Meringue Buttercream en gekarameliseerde hazelnoten.
Vier uur werk. Drie lagen. Twee soorten vulling. Eén dowel die ik correct had geplaatst (ik had er eigenlijk drie nodig — ik wist dat toen nog niet).
Hij zag er prachtig uit. Echt prachtig. Ik had hem zelfs gefotografeerd voor ik hem naar de tafel bracht, want ik was er trots op.
De Val
Ik droeg hem op een taartplateau naar de eettafel. Mijn schoonzus liep de keuken in en draaide zich om — haar elleboog raakte het plateau.
Tijd vertraagde.
De taart helde. Ik greep. Te laat.
Drie verdiepingen taart landden met een doffe plof op de keukenvloer. De bovenkant plat, de zijkanten uitgewaaierd. Chocolade-espresso vulling verspreide zich als lava over de tegels.
Het was — en ik gebruik dit woord weloverwogen — *catastrofaal*.
Wat Daarna Gebeurde
Er viel een stilte.
Mijn schoonzus keek mij aan. Ik keek de taart aan. Mijn partner keek ons allebei aan.
Toen zei mijn moeder, vanuit de woonkamer: "Ruikt lekker!"
Ik heb gelachen. Echt gelachen, hard, totdat er tranen kwamen. Deels hysterisch, deels oprecht.
We hebben de taart van de vloer gegeten. Met lepels. Direct uit de puinhoop.
Hij smaakte perfect.
Wat Ik Leerde
Gebruik dowels bij gestapelde taarten. Drie of meer, afhankelijk van het gewicht. Eén dowel is voor niets — hij houdt de lagen niet in evenwicht.
Een taartplateau met rand is geen luxe. Die kleine opstaande rand had de val misschien voorkomen.
Transporteer taart als een baby. Twee handen onder het plateau, langzame bewegingen, geen gesprekken onderweg.
Vloertaart is nog steeds taart. De drie-secondenregel bestaat en ik ga er niet over discussiëren.
Bubbly Mantra
Een taart die valt is nog steeds een taart die je gebakken hebt. Geef hem een lepel en ga door.
